consument

Mijn eerste ontmoeting met Meet-IT

Hoewel mijn nieuwe job pas maandag officieel van start gaat, stond ik gisteren al in naam van InterLight in het werkveld. Neen, geen offertes die  ik al verstuurde, ook geen aanpassingen op de site of andere taken die ik uitvoerde binnen mijn standaard takenpakket. Mijn eerste opdracht bracht me op Meet-IT in Tour&Taxis in Brussel.

Meet-IT was meteen een nieuw gebeuren voor mij. Ik had al beurzen gedaan maar dan wel eerder van een ander allooi. (zoals huwelijksbeurzen samen met een kameraad. Neen, geen plannen buiten @IneLemmens om hoor, gewoon als standhouder voor lampjes en wat leuke muziek op dat oh zo belangrijke feest dat de meesten slechts 2 of 3 keer in hun leven zelf geven) Grote verschil hier: het was een B2B beurs, wat dan wel weer een nieuwe insteek vormde. B2B staat voor networking, eventueel deals sluiten en vooral enkele niches of scoops bekijken. Maar wat doe je dan daar zonder naamkaartjes, zonder voorlopig zeggenschap of kennis over je toekomstige werkvloer en ook nog eens onder een andere naam die duidelijk niet van jou is: ‘Marie Swennen‘? Wel, rondslenteren natuurlijk.

TechData, verdeler van al dat technisch vernuft aan de resellers, maakte er een mooi event van. Editie 18 stond vol met enkele (ook voor een noob in het B2B IT verhaal) zeer interessante standen en presentaties. De grote spelers toonden hun nieuwtjes: Windows 7 presentaties, iPod Nano met camera, netbooks met ingebouwde 3G van HP, … En ook de nieuwste printers, antivirusprogramma’s en andere IT gerelateerde producten kregen een eigen plek op de beurs.

En ondanks dat al die merken elk hun eigen producten in de belangstelling zetten, ging de organisator er uiteraard ook voor om zoveel mogelijk van zijn klanten te tonen wat ze waard zijn. Ik volgde twee presentaties over producten of diensten, gegroeid uit TechData: TD-Media en Fusyx.

TD-Media

TD-Media bestaat al langer in andere landen, maar voor België werd de spits afgebeten op Meet-IT. Eigenlijk niet meer dan het aanbieden van complete content over alle vendor-producten aan de reseller, die daarmee de volledige details van een product zonder eigen inspanning op zijn website toont. Een verhaal waar ik wel oren naar had. De gewone consument wacht immers niet meer tot de een verkoper de details van een product uit de doeken doet, maar zoekt zelf actief naar alle specificaties, en dit uiteraard bij de fabrikant zelf: OKI, Samsung, Sony,…

Het verhaal nu: consument zoekt reseller, zoekt een product in diens webshop en krijgt basis informatie, klikt in het beste geval op de link naar de site van de vendor of surft er in het slechtste geval zelf naartoe en komt dan ‘hopelijk’ terug naar de reseller voor de bestelling. Resultaat: een heleboel gaten waarin het contact tussen reseller en consument verbreekt. Oplossing: geef alle informatie al op reseller niveau en sluit meteen een deal via bijvoorbeeld de e-shop. Binnen mijn taken bij InterLight valt het website verhaal zeker een leuke toekomst te beurt.

Fusyx

Presentatie 2 handelt over Fusyx. Een naam die op zich niet veel zegt, de inhoud spreekt echter meer tot de verbeelding: cloud computing. De setting mocht er trouwens ook wel zijn: een constructie enkele meters boven de grond, afgedekt met witte doeken en gevuld met blauw licht. (en neen, ik heb geen foto’s. Ik weet het: erg)

Azlan, dochterbedrijf van TechData en broedkooi voor Fusyx, biedt een totaalconcept aan voor kleine KMO’s. Resellers krijgen hun software solutions immers steeds moeilijker verkocht (ja, dat crisis verhaal) en cloud computing biedt een goedkoper alternatief in onzekere dagen. CaaS, DaaS, WaaS en VaaS, it’s all there. Communication, Desktop en Workstation  as a Service kennen de techneuten onder ons wel. Video surveillance as a Service komt daar als nieuweling bij. (of toch zeker voor mij) Daarnaast de hele support, ticketing, backend voor de resellers, branding in naam van de reseller zelfs,… Tijdens Meet-IT vooral een salesverhaal, maar wel een met toekomst aan de kant van de reseller en KMO’s. En geef toe, vanuit TechData zijn positie een product met zeer hoge slaagpercentages.

De afsluiter van Meet-IT, een megaparty voor 3000+ man, daar bedankte ik vriendelijk voor. 2 uur als noob in mijn eentje over een beurs dwalen was voor mij voldoende. Gelukkig waren er veel schoon madammekes in soms schone en soms lelijke pakskes om het geheel wat minder ‘all male and kinda gay’-achtig te maken. Kortom: het was een zeer boeiende en leerrijke ervaring.

Ruilhandel: back to basics

De kredietcrisis heeft haar slag thuisgehaald. Veel vergoedingen blijken ondermaats (zoals de melkprijs die landbouwers tegenwoordig krijgen) en de kleine spaarders kijken met argusogen naar de banken die hun spaarcentjes beheren. De economie kreeg zware klappen en iedereen zat met vrees in zijn zeteltje thuis. Maar gelukkig viert een aloude gewoonte terug hoogtij: Ruilhandel.

Vóór de munteenheid was ‘voor een appel en een ei’ meer dan een gezegde en de eerste munten waren ook nog een vorm van ruilhandel aangezien de waarde van het metaal nog ‘waarde’ had. De komst van papieren geld en tegenwoordig zelfs de digitale transacties laten ruilhandel tot een ver verleden horen, of dat dacht ik. Tot ik vandaag volgend artikel las:

Italië – Geen goud… maar kaas in de kluizen

In de kluizen van de Italiaanse bank Credito Emiliano liggen 440.000 kaasbollen, samen 17 miljoen kg zwaar. De bank wil zo de noodlijdende kaasmakers helpen en aanvaardt de Parmezaanse kazen als onderpand voor leningen. De Noord-Italiaanse kaasmakers worstelen zich door de wzaarste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog. De bank beschikt voor de opslag over twee gekoelde loodsen waar de kazen met een gezamelijke waarde van 132 miljoen euro verder kunnen rijpen. Credito Emiliano aanvaardt al sinds 1953 kaas als onderpand. Denk twee keer na als u ze wilt stelen: elke bol, circa 300 euro waard, heeft een serienummer. In februari groeven dieven een tunnel en graaiden 570 kaasbollen mee. Ze werden echter opgepakt en alle kazen werden teruggevonden voor we vermalen waren.

Bron: Melkveebedrijf / nr.8 / September 2009 / p10

Niet meteen ‘ruilhandel’ pur sang, maar toch nog een manier om iets met waarde in te ruilen.

Andere voorbeelden vinden we ook dichter bij huis. Neem bijvoorbeeld BizCamp dat binnenkort plaatsvindt. Een zogenaamde unconference.  De deelnemers zijn meteen ook de sprekers. Wie komt om zelf iets bij te leren, geeft meteen ook een deel van zijn eigen kennis door aan de rest. Dit concept, in dit geval specifiek gericht op ondernemers, vloeide voort uit de Barcamps die ontstonden in de US met workshops allerhande. Ook  België kende reeds enkele Barcamps. Geen dure prijzen om binnen te mogen, ook geen hoge bedragen waarmee organisatoren de beste sprekers ter plaatse lokken. Wel gebaseerd op het principe dat ieder van ons heeft een heleboel kennis vergaard binnen zijn eigen gebied van interesse. Een Barcamp betekent dan ook de collectieve kennis aan elkaar aanbieden en verder verspreiden.

Verlaten we het pad van de intellectuele kennis of ruilhandel in de Italiaanse banksector en zoeken we de Gentse streken op, dan komen we uit bij de allereerste Botellon die ons land kende. Breng je eigen drank mee, eventueel wat muziek en vooral zin om een babbel te slaan met een heleboel jongeren. Jij drinkt mijn drank, ik die van jou en de overschot ruilen we met onze buurman voor wat chips en nootjes.

Voor mij allemaal voorbeelden dat zaken doen ook kan zonder het rekenmachine naast ons. Wie zei er dat geld de absolute heerser is van deze wereld? Laat de toekomst ons toe om deze nieuwe oude manier van handel verder uit te breiden? Of blijft de drang naar geld toch ons grootste doel?

De tuin, onze kerktoren?

De TV stond zonet op Eén. Het programma: ‘De aarde vanuit de Hemel’. Een boeiende titel met een nog veel boeiender onderwerp: de invloed die de mens heeft op de aarde, zijn leefomgeving en zijn eigen toekomst.

Een onderwerp dat me enorm boeit, zeker omdat de vraag me soms besluipt, hoe mijn (toekomstige) kinderen later zullen leven en opgroeien. Kan onze aarde die bijna 7 miljard inwoners nog lang voeden? Wat gebeurt er als dit niet meer kan? Staat er ons een derde wereldoorlog om voedsel te wachten? Allemaal vragen waar tot nu toe niemand een kant en klaar antwoord voor heeft.

Wat we wel weten, zijn de feiten. Grote bedrijven ontwikkelen genetisch gemanipuleerde gewassen, zodat deze weerstaan aan insecten, sneller groeien en/of beter bestand zijn tegen extremere weersomstandigheden. Dit gewas planten de boeren op duizenden hectarengrond, zonder diversiteit. Enkele stoffen verdwijnen volledig uit de bodem, terwijl andere voedingsstoffen overdreven aanwezig blijven in de grond. Het evenwicht gaat verloren, zowel voor de planten alsook voor de vele bodemdieren.

In Frankrijk bestaat AMAP (Associations pour le maintien d’une agriculture paysanne),  een netwerk van landbouwers die lokaal producten aan bieden aan de consumenten. Geen dure vervoerskosten om een afstand van 1500 km te overbruggen, geen uitstoot van uitlaatgassen en de teler kent zijn klanten die als het ware ‘op bestelling’ groenten laten kweken persoonlijk. Maar ook: groenten zijn er volledig seizoensgebonden. Geen tomaten in hartje winter. Alle groenten komen en gaan zoals de seizoenen hen toelaten te groeien.

Meteen dacht ik terug aan de woorden van Ian Pearson op The Future Summit 2 maanden geleden. Hij stelt de toekomst voor in de vorm van woongebieden die elk zelf instaan voor de eigen behoeften, een proces dat door deze Franse organisatie al aan een opmars bezig is. AMAP gaat alleen nog verder door ook nog eens de genetische manipulatie af te zweren.

Is dit onze toekomst dan werkelijk? Kunnen we afstand nemen van de luxepositie waar we ons de laatste jaren in genesteld hebben? Het verwacht van ons in elk geval veel inspanningen.

Landbouwers werken terug aan de diversiteit in gewassen. Ze dienen zich niet meer toe te leggen op slechts een of enkele gewassen. Bemestingen vallen weg. Het weer en de natuur krijgt terug meer controle over de opbrengsten van onze gewassen. Wij, als consumenten, eten niet langer groenten naar keuze, waar en wanneer we dat willen, maar dienen genoegen te nemen met hetgeen voorradig is in de natuur. En misschien moeten we zelfs onze wereldkeuken opgeven, aangezien we in de toekomst geen gebruik meer kunnen/zullen maken van gewassen die enkel duizenden kilometers verderop groeien?

De wereld geen  dorp meer. Terug naar onze kerktorens. Of wordt de tuin en de natuur de nieuwe kerk?

Boeren krijgen slaag thuis

Het stond gisteren in de krant onder een iets andere titel. De Standaard wist te melden dat de boeren hun slag hadden thuisgehaald. Jammer genoeg stond dit op een krant van een mede-busreiziger tegenover me en kon ik het artikel dus niet meteen lezen.

Eens terug thuis informeerde ik me verder.’Het ‘heuglijke’ nieuws dat mijn moeder me vertelde: er komt 2 cent bij op de melkprijs, waardoor we (zowel mijn ouders als broer hebben elk een melkveebedrijf) uitkomen op een prijs van 19 cent per liter. 19 cent!!!!!!

Rekenen we een jaar terug, dan is dit nog steeds minder dan de helft. Toen werd er tot 42 cent per liter betaald. Bekijk dan bovendien de kostprijs die een producent betaalt voor 1 liter melk (ongeveer 32 cent) dan zal iedereen snel beseffen dat er voor de hevige reacties van de landbouwers wel een duidelijke reden was.

Ook Test Aankoop weet de betrokken landbouwers hierin gelijk te geven. (lees: http://www.test-aankoop.be/melk-is-goed-voor-elk-s592473.htm) Zij onderzochten de prijzen van zuivel van de voorbije jaren en kwamen tot frappante conclusies. De kostprijs van een liter melk zou voor een consument niet ver af liggen van die voor een liter water. Normaal? Niet als je het mij vraagt. Melk bevat immers een bron aan natuurlijke elementen die ons lichaam ten goede komen. Maar in tegenstelling tot water vinden we dit niet zomaar in de grond. En net als bij water zijn er enkele processen om dit voedsel te zuiveren van alle schadelijke stoffen. Dus daar kan ook geen verschil zitten.

De grootste boosdoenders van deze prijzen zijn uiteraard de tussenschakels. Eisen stellen op gebied van kwaliteit aan de producent, deze kwaliteitsnormen zoveel mogelijk doorrekenen aan de consument maar ondertussen de winstmarge groot houden door de aankoopprijs zo laag mogelijk te houden.

Enkele weken geleden kreeg ik tijdens een gesprek een zeer vreemde maar uiteindelijk wel correcte insteek uitgelegd. De persoon in kwestie vermeed winkels als Aldi en Lidl zo veel mogelijk. Waarom? Omdat deze winkels de prijs nog eens extra laag houden. Te laag om nog een fair bedrag te kunnen vragen aan de persoon aan het begin van de keten: de producent. En als je nadenkt, is het ook zo. We willen wel dat de producent eerlijk betaald wordt (denk aan de buitenlandse fair trade producten) maar producten uit ons eigen landje kopen we liefst tegen dumpprijzen in.

Ook als consument kunnen we dus voor een bijdrage zorgen die de landbouwers een hart onder de riem kunnen steken. Of wil je helemaal helpen? Ga eens langs bij een melkveehouder in je buurt. Misschien verkoopt hij je ook wel eens een verse liter melk. Ik ben er in elk geval aan verkocht. Voor meer dan die oh zo nodige 32 cent, maar nog steeds aan een betaalbaar bedrag zonder de woekerwinst eisende tussenschakels.

Just my 2 cent…

   

Bert Rijken.be

Vriesenhof 22 bus 7
3000 Leuven, Belgium
M.: +32 (0) 486 983 115
twitter profile
facebook profile
Netlog Profile
LinkedIn profile
Plaxo profile
BRB - Bert Rijken Blogt
Delicious profile
PDF version CV
Online CV in Prezi
<>div>