Online

Your place or mine?

Facebook, met kilometers voorsprong het meest gebruikte social media kanaal, brengt binnenkort Places tot in de huiskamer. Enkelen weten het al, de grote meerderheid kan binnenkort weer niet volgen met ‘al die geweldige ideeën’ die facebook maar uit zijn mouw blijft schudden. Voor wie het in Keulen hoort donderen: binnenkort biedt Facebook de mogelijkheid om je locatie in real time door te geven. “Ik sta op de bovenste bol van het Atomium” of “Net uit het station van Schaerbeek gezet wegens een bommelding” zijn dan beide Facebook updates, gekoppeld aan een kaartje met een exacte aanduiding waar je dit precies zei. In twee woorden: Facebook Places.

Vernieuwend? De twitteraars weten al beter: FoursquareBrightkite en Gowalla zijn al oude rotten op dat vlak. Vele twitteratie laten iedereen weten waar ze zijn, op welke plaats de beste ijsjes verkocht worden of waar je best nu naartoe komt voor een lekker biertje met wat onbekend volk dat graag nieuwe mensen leert kennen.

Niet zo echt nieuw dus die Facebook Places. Maar wel veel gevaarlijker dan die oude rotten in het vak. Waarom?

Gebruikers van Foursquare of Gowalla (of andere gelijkaardige tools) zijn vaak (ik zeg vaak, niet altijd) ook meer bekend met online media, hoe ze te gebruiken en vooral het inschatten van de risico’s. Inschrijven op deze tools doen zij bewust en met voorbedachte rade. Facebook Places werkt anders. Vanaf het moment dat Facebook beslist de update uit te rollen, worden er 500 miljoen mensen ingeschreven op deze dienst en linkt Facebook zo vaak het kan een locatie aan een update.

Waar twitterati dus bewust kiezen voor het vrijgeven van hun locatie, stelt een half miljard mensen plots zijn privacy (nog meer?) ten prooi aan al hun vrienden of in het ergste geval zelfs de hele wereld. Uitkijken geblazen dus!

Maar hoe kan je die risico’s beperken? Of hoe zorg je ervoor dat je niet ongewild je locatie doorgeeft? (je vriend(in) moest maar eens ontdekken dat je vreemdgaat in hartje Antwerpen terwijl zij denkt dat je vanuit Gent op je werk je status update) Hier komen de geweldige privacy settings van Facebook weer tevoorschijn. Niet voor iedereen even simpel om via die weg korte metten te maken met vreemden die toegang krijgen tot je profiel gegevens, je baas die elke zucht tijdens de werkuren meeleest of je ouders (of kinderen) die net facebook ontdekken en daar zaken zien die niet voor hun ogen bestemd zijn.

En hoewel facebook een helebool zaken standaard aanbiedt, blijft het een open platform en is persoonlijk tweaken nog steeds aangewezen. Lang leve de custom settings om je privacy toch een beetje te vrijwaren. (tenzij je dit niet zo heel erg nodig vindt)

Facebook privacy settings

Facebook privacy settings

Voor wie dus niet zeker is welke zaken een risico betekenen  en welke niet, kiest er best voor om alles te blokkeren, in het bijzonder dus Facebook Places.

Want de impact die twitter, Foursquare of foto gegevens bij mobiele uploads reeds konden betekenen voor het vrijgeven van je locatie (waar je dus bent, of nog meer: waar je niet bent, zoals bijvoorbeeld ver weg van huis), verdwijnt in het niets zodra een heleboel Facebook gebruikers zonder het te weten hun exacte locatie te grabbel gooien. Dieven: ga jullie gang, Facebook is jullie vriend.

Vandaag verjaar ik een beetje

En ik word de volledige 2 jaar oud. Of toch mijn twitter account. (geschenkjes, traktaties en andere zijn altijd welkom!)
Zelf had ik er helemaal niet aan gedacht. Gelukkig deed @nl_twop_1000 dat wel in mijn plaats. (hier trouwens ook te vinden: http://www.twopcharts.com/anniversaries.php?source=nl)

2 jaar twitter

2 jaar twitter

Een kleine terugblik wat die twee jaar nu effectief betekenen voor mijn leven:

Ben ik daar beter van geworden?
Niet bepaald. Ik werd volgens sommigen wat asocialer als ik weeral mijn twitter stream controleerde. Eerder wat slechter dan misschien, als je het zo bekijkt. Maar dat is natuurlijk allemaal relatief. Want van de andere kant legde ik meer contacten met online mensen.

Werd ik opeens super rijk door te twitteren?
Die zal duidelijk zijn. Neen. Maar ik moet zeggen, af en toe kon ik wel eens een extra centje bijverdienen met het een en ander. Dankzij mensen op twitter. Laten we het rijker noemen, tussen hele dikke haakjes weliswaar, en het klopt.

Werd ik er slimmer van?
Dat niet meteen, maar ik leerde wel enorm veel bij dankzij het goede crowdsourcen. Twitter is toch wel dé bron van leuke informatie, nuttige weetjes en gewoon het nieuws als eerste weten. Altijd tof dus.

Verloor ik er vrienden door?
Integendeel. Ik leerde mensen uit de buurt kennen. (een groot voordeel van twitter en zeker de op locatie gebaseerde updates bieden de mogelijkheid mensen van vlakbij te leren kennen of zelfs ontmoeten) De verschillende meetings of gezellige onderonsjes vulden de avonden met plezier en leverden een aantal zeer goede kennissen op.

Veranderde mijn leven significant sinds ik op twitter zit?
Significant veranderde het niet, maar het is wel anders geworden. Een constante verbinding met de wereld heeft zo zijn voordelen. Nieuws is (regelmatig) geen nieuws meer als je de krant leest of naar het journaal kijkt. Ik kreeg zelfs een aantal sollicitatiegesprekken dankzij twitter. (waarvoor dank @Tjakkahhh & @destruise… en eventueel anderen die ik vergat!) Het heeft dus zeker een aantal extra paden geopend, wat toch een merkbare verandering te noemen is.

Deed ik ooit verkeerde zaken op twitter?
Echt verkeerde zaken? Neen. Bij mijn vorige baas werd ik wel ooit op het matje geroepen omdat mijn Friendfeed (ooit een concurrent van twitter) de profielinfo van twitter had overgenomen op een moment dat ik zonder job zat. Toen ik een job had, werd daar mijn profiel niet bijgewerkt. Een “Looking for a job” tekst die je baas onder ogen krijgt, is uiteraard niet meteen ideaal. Voor de rest probeer ik toch steeds op te letten wat ik wel of niet post. Ik heb nog geen kakske gedaan op twitter en de intieme momenten blijven dat ook. Wie ooit aanstoot neemt aan een van mijn updates, let me know.

Waarom doe ik het dan?
Gewoon. Omdat het leuk is. Net als sommige mensen bierkaartjes verzamelen, gaan voetballen, elke film die er bestaat willen zien, mensen elke dag hun tanden poetsen, foto’s maken van alles wat ze doen, … zo twitter ik met enorm veel plezier. Als je me erover vraagt als leek, zal ik zelfs proberen mijn passie op je over te brengen.

Blijf ik het verder doen?
Voorlopig zal ik twitter zeker niet verlaten. Er zal in de toekomst hoogst waarschijnlijk weer iets nieuws uitkomen, waardoor twitter verdwijnt in een of ander archief. Dan stappen we weer een nieuwe trein op, richting andere horizonten. De vernieuwing tegemoet.

Ben je ook jarig op twitter? (100 dagen, 3 jaar,…) Wil je graag mijn adres weten om een geschenk op te sturen? Of wil je wel eens wat vragen over mij en twitter? Nú is het moment! Vragen maar bij de reacties!

Privacy, take it or leave it?

Gisteren toonde Canvas de derde en voorlaatste aflevering van The Virtual Revolution, een documentaire van de BBC die gaat over de invloed van internet op ons leven. Hoe past internet tegenwoordig in ons leven? Hoe evolueerde deze band tussen mens en online zich tot op heden? En meer nog: hoe gaat het in de toekomst verder? En hoewel er tot op heden vooral ‘Geeks’ de afleveringen volgen, lijkt het me beter, of zelfs belangrijker, dat de gemiddelde internetgebruiker, de nog maar net ontgroeide digibeet of iedereen die geen idee heeft wat internet eigenlijk precies betekent in ons leven, deze afleveringen bekijkt en goed in zich opneemt. (ze zijn online te (her)bekijken op www.canvas.be/thevirtualrevolution) Vooral de aflevering van gisteren over privacy raakt ons allen op een gevoelige plek.

Want privacy, dat is toch nog steeds iets waar we allemaal op staan. Of het nu gaat over rustig in onze tuin zitten zonder pottenkijkers, de privacy van ons lichaam en intimiteit, onze bankrekening of gewoon wat er zich in ons hoofd afspeelt. Maar hoe privé zijn al die dingen werkelijk? En wat is die privacy eigenlijk nog waard? Hoort het wegebben van onze privacy niet gewoon tot de evolutie van onze maatschappij? Een noodzakelijk en onvermijdelijk kwaad?

Al decennia lang zien artiesten, filmsterren of andere bekende personen hun hele leven uitgesmeerd staan in de roddelpers. En niet enkel op internet, maar ook via de gedrukte pers staat hun doen en laten op een schaaltje te koop. Niemand die daar nog stil bij staat. Deze mensen hun dagelijkse bezigheden vormen een normale wetenschap en zelfs vaak (gewild of niet) voer voor een gesprek tussen u en mij. Maar naast die rol van onderwerp, vormen zij ook steeds een voorbeeld voor enorm veel jongeren op vlak van kleding, uiterlijk, gedrag en zelfs volledige levenswijze. Iedereen draagt een drang in zich mee om te zijn zoals hen, te leven zoals hen en succes te hebben zoals hen.

Bekend zijn, roem en eer voor wat je doet, aandacht krijgen: het brengt ook zijn consequenties mee. Privacy afgeven. Hoeveel mensen tonen op facebook, youtube, twitter, netlog of eender welk ander online kanaal wat ze doen, denken, kopen, graag zien of horen en noem maar op? En dit aan iedereen om het te zien, interpreteren en eventueel zelfs op in te spelen. We staan graag in de belangstelling. We kijken graag wat bekende (of minder bekende) personen allemaal doen en reageren er met plezier ook nog eens op. Maar het liefst van al ontvangen we nog eens feedback van anderen op wat we zelf vertellen. En dus, hoe meer we uitsturen, hoe meer reacties we krijgen en bijgevolg hoe beter we ons voelen, want we zijn populair.

En is dat allemaal een slecht verhaal? In het online debat, volgend op de uitzending van The Virtual Revolution, spreken Patrick Van Eecke (advocaat, professor aan de Universiteit Antwerpen en specialist inzake privacy) en Lorenz Bogaert (CEO & mede-oprichter Netlog) over hoe wij als gebruiker (wel of niet) met onze online privacy omgaan, maar ook hoe bedrijven en overheden deze privacy steeds op de eerste plaats (moeten) stellen en mede verantwoordelijk zijn om gebruikers te beschermen. Zij zijn beide overtuigd dat de huidige privacywetgeving onvoldoende is. Bedrijven zoals Netlog doen vele inspanningen om hun gebruikers de nodige privacy te gunnen en waarborgen die Europa verwacht, nu of in de nabije toekomst.

Steken we echter de oceaan over dan verandert dit verhaal meteen. De Amerikaanse wetgeving is veel vrijer, bedrijven daar ontwikkelen nog steeds de meerderheid aan applicaties en online tools en dienen minder rekening te houden met privacy issues. Dus de mogelijkheden zijn: Europese internetgebruikers nemen enkel nog Europese tools onder de arm (zeer onwaarschijnlijk en het ruikt een beetje naar de Chinese manieren van werken), Amerikaanse en internationale wetgevingen leggen meer restricties op aan deze internetbedrijven (ook weer een onwaarschijnlijke zaak) of we laten deze verminderde privacy gewoon deel uitmaken van ons leven.

En met dat laatste heb ik op zich niet zo veel problemen. Het klopt, het is niet ideaal als er zatte foto’s online verschijnen na een decadente avond en altijd doorsturen waar je bent, biedt dieven de mogelijkheid om je huis leeg te halen als je op vakantie bent. Maar ook zonder internet kan de dief die dat wil jouw straat in het oog houden, zien dat je je koffers meeneemt en de volgende dag dus aan de slag gaan.

We kunnen natuurlijk alle jongeren (en ook ouderen) in speciale opleidingen aanleren hoe ze online hun eigen gegevens privé zetten, maar anderen kunnen nog steeds foto’s of video’s over jou op het net zetten, al dan niet schadelijk voor jouw (online) reputatie. Denk bijvoorbeeld maar aan de filmpjes van de Skin Party’s, Amerikaanse Spring Break video’s, videochats die de persoon aan de andere kant van de lijn opneemt of gewoon al ‘sexy’ foto’s die je naar iemand doorstuurt. Deze harde bewijzen kunnen toch nog steeds hun weg vinden naar het grote publiek, ook al staan je persoonlijke profielen afgeschermd.

Beter is het om jongeren bewust te maken van dit gebrek aan privacy en hen hier mee leren leven (ook in de offline wereld). Uiteraard met de duidelijke mededeling dat over 30 jaar hun jeugdige escapades ook nog hun weg kunnen vinden naar mogelijke werkgevers, familie of gewoon eender wie, met alle mogelijke nare gevolgen.

Minder privacy online kan ook positieve gevolgen hebben. Je leert iemand soms gewoon beter kennen door ook zijn online leven mee in rekening te nemen, net omdat het internet niets vergeet. Fundamentele verschillen die je anders zo niet gemakkelijk te weten komt, ontdek je misschien al goed op voorhand bij je (mogelijke) partner, zodat je problemen preventief voorkomt. Ook eerlijkheid geeft vaker een goede indruk. Wie weet wat het afgesloten profiel van persoon X allemaal (moet) verbergen? Wees zelf degene die, naast de goede kantjes, ook je eigen negatieve punten naar buiten brengt, eventueel zelfs met duiding. Je komt zo meteen heel anders over dan dat een enkele foto uitlekt en een verzonnen verhaal wordt opgehangen aan die momentopname.

Het ontbreken van privacy online kan er volgens mij ook voor zorgen dat we allemaal bewuster omgaan met onze manier van leven en onze vrije tijd en voornamelijk meer rekening houden met onszelf en onze medemensen die door ons online leven beïnvloed worden. Een veel nauwer samenhangende maatschappij die meer respect toont dan momenteel het geval is. (World peace it is!) I’ll pay with my privacy for that one.

Mission: Gold

Anderhalve week geleden verscheen er vanuit het niets een mail. Of ik vrijdag 23 april een dagje tijd had. Tijd voor een hele dag informatie krijgen over een bedrijf, afgesloten met een verblijf in een Brugs hotel. Als je op zoek bent naar een nieuwe job, valt je vrije tijd nog iets beter te regelen, zeker door de week, en ik zei dus toe op de uitnodiging. De uitnodiging kwam van Olivier De Doncker (@odedoncker) in naam van GDF Suez. Doel van de dag? Hun “Golden Mission” leren kennen.

Rendez-vous @ de Thalys ingang

De dag voorziet voor 5 bloggers, 3 Fransen, 1 Waal en ik als Vlaming, uitleg over het bedrijf, een verduidelijking van hun “Golden Mission” en een rondleiding op zowel hun hoofdzetel in Brussel alsook een gascentrale in Brugge.

10 uur vrijdagochtend sta ik samen met de chauffeur op de plaats van afspraak. Alleen. Geen spoor te bekennen van Olivier, de mensen van GDF Suez en de andere bloggers. We wachten een twintigtal minuten tot de eersten arriveren en om half 11 gaan we richting het busje dat ons die dag van vervoer voorziet. Collega twitterati/bloggers zijn Eduouard Seynaeve (@seynaeve), Joris Renaud (@jorisrenaud), Lokan Sardari (@lokansardari) en Franck Bourbon (@unimaru). Aurélie van GDF Suez vervolledigt de groep voor vandaag.

Het onderwerp van de dag? The Golden Mission, de nieuwe campagne van GDF Suez die jongeren uitnodigt tot het bloggen in hun naam. Naast de uitleg over hun missie krijgen wij een blik achter de schermen van deze internationale energieleverancier. Voormiddag staat het hart van hun bedrijf in de picture: tientallen en tientallen werknemers houden in cockpits met 4 tot 16 schermen olie-, gas-, steenkool- en alle aan- en verkoopprijzen van elektriciteit in het oog, samen met het verbruik van alle schakelaars in ons Belgenlandje.  De productie en aanlevering / verkoop staat onder steeds waakzame ogen.

De middag voert ons tot PointBar. En om het met de woorden van iemand die van boerenafkomst is te zeggen: het is daar poepchique. Gelukkig betaalt Suez de rekening. Wij mogen in elk geval naar lieve lust verorberen waar we zin in hebben.

Rond twee uur verlaten we het restaurant en vervoert de chauffeur ons naar Herdersbrug in Brugge. Uitleg over de gascentrale en een rondleiding door deze verlaten centrale doen me even ogen open trekken. Het hele gevaarte zorgt voor 460 MegaWatt, maar wordt bemand door 1 persoon in een centrale ruimte, ook weer voorzien van tientallen computerschermen vol cijfers, meters, lampjes en grafiekjes, Homer Simpson style.

De dag sluit voor een deel af met het ontvangen van een goody bag, wie wenst brengt de nacht nog door in een hotel in Brugge, mooi gefinancierd door ons gastbedrijf.

Mission: Gold

Waar deze dag eigenlijk om draait: GDF Suez stuurt al een tijdje affiches de wereld in (onder naam van Electrabel, een deel van GDF Suez) voor verschillende jobs binnen het bedrijf. Om hun rekruteringen extra kracht bij te zetten, begint vandaag hun Golden Mission.

Via de website www.generation-horizons.com krijgen afstudeerders de kans zich in te schrijven voor een zes maanden durende stage. Voornaamste voorwaarden? Het Engels meester zijn, affiniteit hebben met 2.0 tools, een facebook account is essentieel om je in te schrijven (jammer genoeg werkt de link uit hun reglement niet: www.facebook.com/pages/GDF-SUEZ-Generation-Horizons) en … wel… zes maanden tijd hebben helpt natuurlijk ook. In de eerste fase zoekt GDF Suez 15 kandidaten. Solliciteren doe je online door een video te posten. De resultaten bezichtig je op www.youtube.com/generationhorizons. Hoe geraak je bij die laatste 15 kandidaten? Zorg dat jouw video het meeste bezoekers telt.

Na selectie blijven er vier kandidaten over die in duo’s de wereld rondreizen. Met een MacBook Pro onder de arm, een camera in de hand en een loon van maximum 2000 euro per maand op de bankrekening bezoeken ze verschillende sites van het bedrijf en schrijven op een dedicated blog over het bedrijf en de verschillende functies waarmee ze in contact komen. En heb je na die 6 maanden zin om voor hen te werken? Je hebt zeker een streepje voor bij een echt sollicitatiegesprek.

Wat er aan schort

De bedoeling is om enkel online communicatie te voeren via 3 eigen kanalen: hun youtube kanaal, hun facebook pagina en de speciaal opgezette website. Jammer genoeg staan niet alle pagina’s online, de ‘coming soon’ tekst hoort niet echt bij een compleet online platform en foute links (cfr. de facebook pagina in hun reglement) maken dat het complete plaatje toch net niet zo compleet is. Ook de naam mist een beetje een directe link met het bedrijf. En ook met de opdracht die de kandidaten zullen uitvoeren mist de link met het goud. De gemiddelde persoon denkt volgens mij meer aan de nieuwe Magnum als hij/zij ‘The Golden Mission’ ergens leest. Gelukkig weet ik na een hele dag in teken van GDF Suez’ Golden Mission beter.

Op www.lokan.fr vind je een Franse visie op de door GDF Suez georganiseerde dag (inclusief foto’s).

Doe jij aan recyclagebloggen?

Zonet ging ik even door mijn feedreader heen. Ik stond toch bijna 200 berichten achter. Een hele vrijdag bezig zijn doet wat met je up to date blijven. En ondanks dat ik nog niet aan het einde van de lijst ben, valt er een bericht wel extra op. (er zijn nog wel meer berichten die ik gewillig lees en in me opneem hoor) Maar het bericht in kwestie komt van ZDNet en draagt de titel: ‘Helft bloggers vindt zichzelf journalist’.

Ook al ben ik geen doorwinterde blogger zoals er wel een heel aantal bestaan: mensen die dagelijks zorgen voor nieuws en weetjes en hun feed op zeer regelmatige basis weten vullen, voel ik me dankzij deze half-time blog toch een echte blogger. Maar ben ik een journalist? Behoor ik tot de meerderheid van 52% die zo over zichzelf denkt? Ik vermoed het niet. Ook mede omdat ik niet de ambitie heb om de hele wereld te voorzien van dat unieke nieuws dat de hele aarde op zijn grondvesten doet daveren. Ik vertel vanuit mezelf. Ik ben niet meer journalist dan een journalist van mijn eigen leven. En daar verdien ik nu eenmaal niets aan buiten enkele volgers.

Wat me echter veel meer opviel, is het cijfer van recyclage dat in de blogosfeer omgaat. meer dan 90% haalt zijn mosterd en andere nieuwtjes op blogs. Kijk ik even terug in mijn blogarchief, dan zie ik een ander beeld: mijn blogs zijn grotendeels gebaseerd op eigen inbreng, offline bronnen en slechts hier en daar gebruikte ik online informatie om mijn verhaal te starten. Of dit daarom ook voldoende boeiend is voor eventuele volgers weet ik niet. Reacties zijn altijd welkom.

Maar waarom schrijven veel bloggers dan bestaande informatie opnieuw uit? Is het om een populair item nog verder te verspreiden? Verschilt hun mening toch steeds van die ene zijn idee (en ook dat van tien anderen) over dat onderwerp? Of komt het eerder door het feit dat enkel de blogs die we volgen onze aandacht trekken en dit kopiëren en herschrijven de enige manier is om de hele blogosfeer dat laatste nieuws te laten weten?

Wie krijgt dan echter de eer van dit schrijven? Vaak zie je wel op blogs staan waar blogger X zijn inspiratie opdeed (Via Y) en zorgt een trackback als dankwoordje voor een link onder het originele artikel. Maar tien stappen verder in dit proces, zie  je toch nog steeds alleen de laatste een vermelding krijgen. Ik klik echt niet tien sites door om de originele blogger te ontdekken. Daar staat de Retweet functie van Twitter toch een stuk meer dankbaar tegenover de originele poster van bepaalde informatie.

Maar van de andere kant: als we dan toch voor meer dan de helft als zelfverklaarde journalist door het leven gaan, eisen we toch steeds graag zelf de verdienste op. Geen enkel artikel in de krant of interview op TV eindigt toch met expliciete dankwoorden aan getuige X of Y die alle informatie bezorgden. Elke reporter vertelt toch steeds alsof hij/zij al voor het feit aanwezig was en vanuit alle hoeken de gebeurtenis kon gadeslaan. Laten we dus gewoon ons dankwoord zeggen waar nodig (dankjewel ZDNet voor de aanzet van deze post) en genieten van de schrijfsels van collega bloggers, of deze nu volledig origineel zijn of een eigen interpretatie van reeds gepubliceerde feiten.

   

Bert Rijken.be

Diestsestraat 206
3000 Leuven, Belgium
M.: +32 (0) 486 983 115
twitter profile
facebook profile
Netlog Profile
LinkedIn profile
Plaxo profile
BRB - Bert Rijken Blogt
Delicious profile
PDF version CV
Online CV in Prezi
<>div>